Colombia wordt sinds lange tijd geteisterd door ernstige mensenrechtenschendingen. Een interne machtsstrijd tussen paramilitairen, leger en guerrilla resulteerde de afgelopen decennia in tienduizenden moorden, martelingen, verdwijningen, ontvoeringen en enorme aantallen mensen die zijn verdreven uit hun woonplaats.
Hoewel de paramilitairen verantwoordelijk zijn voor de meeste mensenrechtenschendingen, hebben nationale en internationale instituties bevestigd dat het leger zich ook schuldig maakt aan mensenrechtenschendingen en samenwerkt met de paramilitaire groeperingen. Straffeloosheid van hooggeplaatste militaire officieren blijft een groot probleem.
'Climate of terror'
Een recent verschenen rapport van de VN Hoge Commissaris voor de Mensenrechten meldt dat de veiligheidssituatie in Colombia de afgelopen jaren enigszins is verbeterd, maar dat voor bepaalde groepen, zoals vakbondslieden, inheemse gemeenschapsleiders, Afro-Colombianen, vertegenwoordigers van verdreven bewoners, rechters, advocaten en journalisten nog steeds een ‘climate of terror’ heerst.
Het rapport uit vooral zijn zorgen over de verslechterde situatie van mensenrechtenbeschermers en vakbondslieden die de afgelopen jaren steeds vaker het doelwit zijn van moorden en ernstig worden bedreigd. Ook onder de huidige president Alvaro Uribe Velez is de mensenrechtensituatie zorgwekkend en blijft de situatie voor de verdedigers van de mensenrechten gevaarlijk.
Omdat het werk van o.a. mensenrechtenactivisten en vakbondsleiders door de regering en de paramilitairen wordt gezien als linkse activiteiten die affiniteit hebben met de ideologie van de guerrilla, worden deze activisten vaak als aanhangers van de guerrilla beschouwd. Op deze manier worden deze activisten, die op geweldloze wijze proberen iets bij te dragen aan een rechtvaardigere maatschappij, het slachtoffer van antiguerrilla-activiteiten.
Begeleiding van deze activisten door internationale waarnemers (zoals PBI-begeleiding) leidt tot een remmend effect op deze mensenrechtenschendingen.
Vluchtelingen
Maar ook de 'gewone' bevolking is vaak het slachtoffer van de oorlog. Het leger en de paramilitairen proberen de guerrilla te bestrijden door middel van een strategie die wel quitar el agua al pez genoemd wordt (het water bij de vis weghalen). Er wordt vanuit gegaan dat de guerrilla (el pez) niet kan bestaan zonder hulp van de bevolking (el agua).
Dit leidt ertoe dat het conflict vaak niet rechtstreeks gevoerd wordt tussen guerrilla enerzijds en leger en paramilitairen anderzijds. Colombia kent 4 miljoen inheemse vluchtelingen die vanwege het politieke geweld hun huizen hebben moeten verlaten, op zoek naar een veiliger heenkomen.