Nepal is een land dat getekend wordt door culturele, etnische en religieuze diversiteit. Het land is eeuwenlang een Hindoeïstisch koninkrijk geweest met koningen die met sterke hand geregeerd hebben om sociale en politieke orde te houden onder de zeer diverse bevolking. Deze orde ging wel ten kosten van de individuele identiteit en persoonlijke vrijheden van de burgers. In de jaren ‘50 was voor het eerst een meerdere partijen democratie in Nepal geïntroduceerd, maar dat werd al weer snel afgeschaft toen Koning Mahendra in 1961 het Panchayat systeem1 introduceerde en het bestaan van politieke partijen verbood. Onder druk van de bevolking door middel van grote demonstraties ‘Jana Andolan I’, is in 1990 afstand gedaan van het Panchayat systeem, is de democratie teruggekeerd en kwam er een nieuwe grondwet. De terugkeer van de democratie had echter niet automatisch tot gevolg dat de oude machtstructuren en traditionele denkwijzen verdwenen waren. Groeiende bewustzijn van sociale, economische en culturele rechten en de onmacht van de nieuwe overheden om de verwachtingen van de burgers waar te maken resulteerde in een groeiende ontevredenheid onder de bevolking. In de jaren ’90 ontpopte zich steeds meer organisaties en actiegroepen die zich bezighielden met het mobiliseren van mensen om op te komen voor hun rechten.
Op 4 februari 1996 presenteerde de Communistische Partij Nepal – Maoïst een lijst van 40 eisen aan de toenmalige minister president Deuba. Een van de eisen was om Nepal een nieuwe grondwet en om Nepal een seculaire republiek te maken. De Maoïsten gaven de regering een deadline voor het inwilligen van de eisen. Op 13 februari 1996, vier dagen voor het aflopen van de deadline begonnen de Maoïsten hun ‘People’s War’ en vielen politieposten in verschillende delen van het land aan. De Maoïsten traden uit de politieke sfeer en hun rebellenleger begon een oorlog tegen de overheid en de koning. In de eerste jaren van het conflict werd het Nepalese leger nog niet ingeschakeld om tegen de Maoïstische rebellen te vechten omdat er volgens de koning slechts sprake was van het herwinnen van publieke orde in het land. De Maoïsten kregen veel steun van de ontevreden burgers en hadden in 2001 controle over grote delen van het land. Een aantal keren werd er een wapenstilstand onderhandeld, maar deze hielden geen stand en resulteerde vaak in een toename van het aantal slachtoffers na het hervatten van de gewapende activiteiten. Zo werden er in de maanden na de wapenstilstand in 2003 meer dan 1000 mensen gedood. De situatie verergerde nog meer per 1 februari 2005. Op dat moment pleegde koning Gyanendra een coup in Nepal. Zijn excuus was dat hij de Maoïstische rebellen wilde aanpakken. Die dagen werden vele willekeurige mensen, activisten en journalisten opgepakt. De media werd aan banden gelegd en veel mensen vluchtten het land uit en er golden beperkende maatregelen voor politieke afscheidingsgroepen.
Een jaar later nam het verzet tegen het bewind van de koning toe in het hele land onder alle lagen van de bevolking. In de beginmaanden van 2006 werd het protest tegen de koning steeds sterker en mensen bundelden hun krachten. In April 2006 organiseerden politieke partijen massale demonstraties in all districten van Nepal, Jana Andolan II, waarvoor de koning na drie weken uiteindelijk moest zwichten.
In november 2006 werd een vredesakkoord getekend. De Maoïsten traden vervolgens toe tot de interim-regering, om eind 2007 weer af te treden met de eis dat een republiek wordt uitgeroepen. Er werd na lang debatteren een overeenstemming bereikt en in april 2008 werden verkiezingen gehouden. De Maoïsten kregen een meerderheid in het parlement met als doel een nieuwe grondwet te schrijven. Bij de eerste bijeenkomst van het parlement is de republiek uitgeroepen.
Het conflict heeft vele mensenlevens gekost en zag heel veel mensenrechtenschendingen zoals moord, marteling, illegale detentie en verdwijningen bij zowel de Maoïsten, de politie en het leger.
Na het vredesakkoord had de bevolking weer hoop in een betere toekomst voor Nepal en had hoge verwachtingen van de Maoïsten. Echter hebben de Maoïsten de verwachtingen nog niet waar kunnen maken. De regering leidt onder de machtenstrijd tussen de grootste politieke partijen en het onvermogen om tot consensus te komen. In mei 2009 zijn de Maoïsten uit de regering gestapt en het duurde weken voordat er een nieuwe regering gevormd kon worden. Het lijkt erop dat de politiek instabiliteit in Nepal nog lang niet ten einde zal zijn.